Hoe introduceer je vaste voeding?

baby-eating-portrait-1322206Het is zo schattig om te zien hoe een baby met vaste voeding experimenteert. Maar let wel op, want er zijn een aantal punten waarop je als ouder/verzorger zou moeten letten. Ben je benieuwd? Lees dan vooral verder!

Vanaf zes maanden
Vanaf zes maanden zijn het afweersysteem, de motoriek en de vertering van het kindje klaar om met vast voedsel om te gaan. Als je eerder begint met het aanbieden van vaste voeding (ook als dit is gepureerd) loopt je kindje een verhoogd risico op het ontwikkelen van voedselovergevoeligheid. Daarnaast heeft het geen zin om eerder te beginnen met het aanbieden van vast voedsel, omdat het spijsverteringssysteem de voedingsstoffen nog niet kan opnemen.

De darmflora
De darmflora van het kind is rond zijn tweede verjaardag pas volledig voltooid. Ook kan dan pas de rest van zijn orgaansystemen en immuunsysteem goed functioneren. Dit betekent dat het kindje gedurende de eerste twee levensjaren baat heeft bij alleen vruchtbare voeding. Afbrekende voeding, die synthetische en bewerkte stoffen bevat, kan door de lichaamssystemen van het jonge kind niet worden uitgescheiden waardoor afvalstoffen in het lichaam blijven rondwaren.

Je kind eet in eigen tempo
Eet het kindje van je vriendin al sneller meerdere soorten groenten of grotere porties? Dit maakt niet uit! De opbouw van het geven van vaste voeding hangt af van hoe jouw baby hierop reageert. Het is belangrijk om vooral te luisteren naar wat jouw kindje je aangeeft. Start dus met een paar hapjes vers gestoomde en gepureerde groenten van één soort. Wortel zou een goede keuze zijn vanwege de gemakkelijke verteerbaarheid en zoete smaak. Als je kindje gewend is aan de paar hapjes kun je proberen om de porties iets groter te maken. Maar ook hier geldt: blijf vooral luisteren naar je kindje. Genoeg is genoeg, forceer niets.

Als je kindje gewend is aan het eerste soort groenten is hij klaar voor de volgende stap. Introduceer steeds maar één nieuw soort groenten. Geef dit een aantal dagen en geef pas daarna weer een ander soort. Op deze manier wennen kinderen sneller aan verschillende soorten vast voeding.

Bioritme
Kijkend naar het bioritme van jonge kinderen is 11:00 uur de beste tijd voor een groentehapje en 15:00 voor een fruithapje. Beginnend met vaste voeding vanaf zes maanden heeft het kindje baat bij vooral het nuttigen van borstvoeding of flesvoeding en rond 11:00 uur zijn eerste hapjes groenten. In verloop van tijd verandert dit in vooral borst- of flesvoeding met één groentehapje en één fruithapje per dag. Pas in een later stadium wordt vaste voeding een hoofdmaaltijd.

Makkelijk verteerbare groenten
Begin eerst met gepureerde, gestoomde groenten die makkelijk verteerbaar zijn als bijvoeding. Makkelijk verteerbare groenten zijn: wortel, courgette, pompoen, knolselderij, bloemkool en koolrabi. Blijf hiernaast dus ook (moeder)melk geven. Start al snel met het toevoegen van een theelepel hennepzaadolie. Deze plantaardige olie bevat omega 3, 6 en 9 in de juiste verhoudingen.

Introduceren van fruit komt later
Pas als de organen van je kindje gewend zijn aan verschillende groentes kun je beginnen met het aanbieden van gepureerd fruit. Fruit bevat namelijk teveel zuur wat het jonge spijsverteringsstelsel schaadt.

Grove vezels
(Kinder)artsen en medewerkers van het consulatiebureau raden aan om baby’s al snel, soms al met drie maanden, broodjes te geven. Dit zou goed zijn voor de motoriek en het spijsverteringsstelsel. Maar niets is minder waar! Grove vezels zoals in volkorenbood, en granen in het algemeen, kunnen het spijsverteringsstelsel juist schaden. Daarbij hebben baby’s helemaal geen granen nodig. Pas na de eerste verjaardag van de baby is hij klaar voor het eten van granen. Kies in dit geval altijd voor de glutenvrije variant zoals rijst of boekweit.

Volkorenbrood is niet het enige voedingsproduct waarmee je moet oppassen als je vaste voeding wilt introduceren bij je kindje. Peulvruchten, vlees, grove stukken groenten, rauwkost of overige rauwe groenten en teveel rauw fruit kunnen zorgen voor spijsverteringsklachten. Dit kun je merken aan pijnlijke krampen in de darmen, voedselresten in de ontlasting, verstopping en diarree. Luister naar deze signalen van het lichaam van je kindje. Leer de taal van zijn lichaam 19vdr5u.

Nitraatrijke voeding
Spinazie, sla, postelein, andijvie, bieten, venkel, Chinese kool en raapstelen vallen onder nitraatrijke voeding. In het lichaam wordt nitraat omgezet in nitriet. Dit is een stofje dat zich kan binden aan hemoglobine. Hemoglobine zorgt voor zuurstoftransport in de rode bloedcellen. Als nitriet zich aan hemoglobine bindt, bestaat de kans op zuurstoftekort bij de baby.

Nachtschadefamilie
Tomaat, aubergine, paprika en aardappel met uitzondering zoete aardappel schaden het darmslijmvlies. Omdat de jonge darm nog volop in ontwikkeling is en de darmflora nog niet voltooid, is het aan te raden om helemaal geen gebruik te maken van de nachtschadefamilie. De zoete aardappel kan vanaf ongeveer 7 maanden worden aangeboden, nadat je kindje gewend is aan de vaste structuur en een aantal groentensmaken.

Peulvruchten
Witte en bruine bonen en kapucijners zijn zwaar verteerbare eiwitbronnen. Deze eiwitten zijn te zwaar om te verteren voor het jonge spijsverteringskanaal. Begin daarom pas na het eerste levensjaar met het aanbieden van peulvruchten.

Zwaar verteerbare groenten
Onder zwaar verteerbare groenten vallen spruitjes, groene kool, rode kool, boerenkool, uien en prei. Deze zijn, net als de hiervoor genoemde peulvruchten, te zwaar om te verteren voor de baby. Deze groenten kun je in een later stadium aanbieden. Kijk goed naar wat jouw kind je aangeeft. Het ene kind heeft eerder behoefte aan zwaardere groenten dan het andere kind.

 

©Sanne Knijn – 2016